Moeflon
| Historie | ||||
| De moeflon komt voornamelijk voor in hellingbossen en op bergweiden. Hij is de stamvader van het tamme schaap. Van de originele populatie die zich enkel nog op Corsica en Sardinië bevinden, werden er met succes uitgezet in de rest van West-Europa. In de 17E eeuw kwam de moeflon slechts voor op Corsica en Sardinië en slechts in zeer kleine aantallen. In de eeuw daarop is een klein aantal als jachtwild uitgezet in diverse delen van Europa. |
||||
| Bijzonderheden | ||||
| De Moeflon heeft een afwijkende status en geldt als een exoot. Dat betekent dat ze als wild gehouden worden en afgeschoten mogen worden. Moeflons komen met een karig dieet toe. Ze eten voornamelijk grassen, twijgen, knoppen, jonge bladeren en 's winters boomschors. Het zijn van nature schuwe dieren, die enkel 's nachts en in de schemering actief zijn. | ||||
| Vruchtbaarheid | ||||
| Seizoensgebonden bronst. De draagtijd duurt 150 tot 170 dagen. De ooien zijn na anderhalf tot drie jaar geslachtsrijp. Lammerpercentage 120%. | ||||
| Rasbeschrijving in onderdelen | ||||
| Hoofd | De kop is bruinwit van kleur en wordt, naarmate het dier ouder wordt, steeds witter. Lange, rechte snuit. Middelgrote oren. |
|||
Horens |
Beide geslachten hebben horens. Vooral bij oude rammen zijn de horens indrukwekkend, ze krullen om achter de oren en kunnen 85 centimeter lang worden. Ooien op Sardinië hebben geen hoorns, ooien op Corsica en het Europese vasteland hebben korte stompjes. |
|||
| Nek/hals | De hals is stevig en staat op redelijk brede schouders. De rammen hebben rond de hals lange haren, die aan de onderkant wel 15 cm lang kunnen worden. Dit wordt, naar achteren toe, opgevolgd door een grote witte zadelvlek. | |||
| Voorhand | Redelijk breed en stevig gebouwd. Schoft is goed zichtbaar. | |||
| Middenhand | Rug loop naar achter af en is redelijk lang. | |||
| Achterhand | Spits. | |||
| Beenwerk | Lange, sterke poten die goed onder het lichaam staan. | |||
| Staart | Korte staart. | |||
| Huid/vacht | Haarschaap, zelfruiend. De voorhand is overwegend zwart, doorweven met bruin. Dit wordt naar achteren toe opgevolgd door een grote witte zadelvlek . De achterhand is bruinzwart van kleur welke wordt afgesloten met een witte spiegel. Reeën hebben dat ook met dit verschil dat de staartjes van de Moeflons bruinzwart van kleur zijn. De onderbenen en buik zijn wit van kleur met aan de voorzijde van de voorste bovenbenen nog wat zwart. De buik wordt naar de zijkanten afgescheiden door een zwart randje. | |||
| Algemeen voorkomen | Typisch primitief schaap. De rammen hebben een schofthoogte van 75 centimeter en een gewicht van 35 tot 50 kilogram, terwijl de ooien een gemiddelde schofthoogte van 65 centimeter en een gewicht van 30 tot 40 kilogram hebben. | |||
. |
Ooilam |
Ramlam |
Jaarl ooi |
Jaarl ram |
Volw ooi |
Volw ram |
Geb.gew. |
2,8 kg |
2,8 kg |
. |
. |
. |
. |
Groeisnelh |
100 g/d |
100 g/d |
. |
. |
. |
. |
Gewicht |
. |
. |
. |
. |
25 - 40 kg |
35 - 50 kg |
Formaat |
. |
. |
. |
. |
Middelhoog |
Middelhoog |
Lam prod |
. |
. |
. |
. |
1 |
. |
Jaarrond |
. |
. |
. |
. |
Nee |
. |
Wol |
Nee |
Nee |
Nee |
Nee |
Nee |
Nee |
Horens |
Soms |
Ja |
Soms |
Ja |
Soms |
Ja |
Contactpersoon: |
|